1. IEDEREEN EVANGELIST?!


Evangelisatie is de grote opdracht van Christus voor zijn gemeente. Pas wanneer die opdracht vervuld is, kan de wederkomst van Christus plaatsvinden. Vlak voor zijn hemelvaart zei Hij, dat in zijn Naam aan alle volken bekering gepredikt moest worden tot vergeving van zonden.

Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde. Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb. En zie, Ik ben met u tot aan de voleinding der wereld.  Lc.24:47; Mt.28:19,20.

De zendingsopdracht van Jezus aan Paulus is nog wat meer uitgewerkt:

...U verkiezende uit dit volk en uit de heidenen waarheen Ik u zend, om hun ogen te openen ter bekering uit de duisternis tot het licht en van de macht van de satan tot God, opdat zij vergeving van zonden en een erfdeel onder de geheiligden zouden ontvangen door het geloof in Mij. Hand.26:18.

Apostelen
Toch is het goed te beseffen, dat deze zendingsopdrachten in de eerste plaats gegeven zijn aan apostelen: volgelingen van Jezus die geroepen werden tot een speciale taak om de wereld in te trekken en gemeenten te stichten. Ze hadden niet alleen de bediening van evangelist, maar ook die van herder, leraar en profeet om degenen die tot het geloof kwamen, alles te kunnen geven wat ze nodig hadden om als volwaardig lid van het lichaam van Christus te kunnen functioneren. Was er eenmaal een goed functionerende gemeente gevormd, dan kwamen de afzonderlijke bedieningen (waaronder die van evangelist) vanuit de gemeente zelf naar voren en kon er verder vanuit de gemeente gewerkt worden.

Evangelisten
Wat het werk is van een evangelist, kunnen we zien in het leven van Filippus. Hij trok rond en predikte. Hij predikte het evangelie van het Koninkrijk Gods en van de naam van Jezus en doopte degenen die tot het geloof kwamen. Ook leidde hij afzonderlijke mensen tot Jezus zoals we dat lezen over de kamerling uit Ethiopië. Het is dus een bediening van prediking en gesprek met buitenstaanders, lokaal, nationaal of internationaal, waarbij heel direct gezaaid èn geoogst wordt. Hand.8.

Verschillende bedieningen
Het is dus niet zo, dat ieder lid in de gemeente de bediening krijgt van evangelist. Net zo min als dat elk gemeentelid geschikt is voor pastoraal werk of voor het geven van bijbelstudie. We komen in de problemen wanneer we er geen rekening mee houden dat de volgelingen van Jezus leden zijn van zijn lichaam en ze daarom allemaal heel verschillende bedieningen hebben. Vooral wat het evangelisatiewerk betreft lopen we het risico in dit opzicht brokken te maken.

Aanleg en bediening
Wanneer we de bedieningen bekijken van de grote mannen (en vrouwen!) in de Bijbel en in de kerkgeschiedenis, dan kunnen we zeggen dat God rekening houdt met de natuurlijke aanleg zoals Hij die bij de geboorte heeft ingeschapen. Evangelisten hebben in het algemeen van nature veel belangstelling voor anderen, hebben goede contactuele eigenschappen en een aangeboren bekwaamheid om te communiceren en te overtuigen. Soms zijn deze eigenschappen latent aanwezig en komen pas aan het licht na de bekering. Deze eigenschappen behoren tot de menselijke persoonlijkheid en zijn dus een deel van het "aarden vat". Bij de bekering wordt dat aarden vat gereinigd door het bloed van Christus en wordt een tempel van Gods aanwezigheid. God-in-ons gaat dan zijn werk doen in en door onze persoonlijkheid zoals Hij dat ook deed bij Jezus:
De woorden die Ik tot u spreek, zeg Ik uit Mijzelf niet, maar de Vader die in Mij blijft, doet zijn werken. Joh.14:10.
Dan wordt de bediening van iedereen afzonderlijk duidelijk, en de vruchten bevestigen dat.
Er is verscheidenheid in genadegaven, maar het is dezelfde Geest. En er is verscheidenheid in bedieningen, maar het is dezelfde Here. En er is verscheidenheid in werkingen, maar het is dezelfde God die alles in allen werkt. 1Cor.12:4-6.

Eigenlijk werkt het net zo als bij een gebrandschilderd raam. Het is hetzefde licht wat erachter schijnt, maar elk stukje glas laat een ander deel van het licht-spectrum door. Zo wordt ook door middel van elk gemeentelid iets van de veelkleurige wijsheid van God geopenbaard.

Negatieve effecten

Iedereen kan een training krijgen voor evangelisatie. In gemeenten wordt daar ook vaak op aangedrongen. Maar het gevaar is groot dat het mensenwerk gaat worden wanneer onvoldoende rekening wordt gehouden met de beperkingen van de gemeenteleden. Met alle gevolgen van dien. In de gesprekken met onbekeerden worden dan wel de aangeleerde methoden toegepast, bepaalde programma's afgewerkt en bepaalde hulpmiddelen gebruikt, maar het maakt weinig indruk. Niet zelden wordt op deze manier alleen maar het negatieve imago bevestigd dat evangelische christenen graag hun mening opdringen en zieltjes willen winnen voor de eigen club en voor hun eigen zaligheid.
Ook zien we vaak dat goed georganiseerde (en dure!) evangelisatiecampagnes maar een schamel rendement hebben omdat het niet alleen ontbreekt aan echt bewogen mensen die een uitgesproken bediening hebben voor evangelisatie, maar ook aan mensen die zich kunnen beperken tot de dienst waartoe God Zelf ze roept!

Motivatie
Er zijn verschillende teksten die gebruikt worden om christenen te motiveren en te mobiliseren voor evangelisatiewerk. Eén ervan vinden we in Ezechiël 33:8,9.
Als Ik tot de goddeloze zeg: goddeloze, gij zult zeker sterven,- maar gij spreekt niet om de goddeloze te waarschuwen voor zijn weg, dan zal die goddeloze in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar van zijn bloed zal Ik u rekenschap vragen. Maar als gij een goddeloze waarschuwt om zich van zijn weg te bekeren, doch hij bekeert zich daarvan niet, dan zal hij in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar gij hebt uw leven gered.

Bedreigend
Wanneer we dit schriftgedeelte losmaken van het verband waarin het staat, wordt het een zeer dwingende en bedreigende opdracht. Maar ook hier wordt die opdracht gegeven aan iemand met een heel speciale bediening: de profeet Ezechiël. Ook gold de opdracht tot waarschuwen niet alle goddelozen die hij ontmoette. Het betreft hier alleen diegenen van Gods volk voor wie hij een woord van God ontving:
"Gij nu, mensenkind," staat er in het vers daarvoor, "u heb Ik tot wachter over het huis Israëls aangesteld. Wanneer gij een woord uit mijn mond hoort, zult gij hen uit mijn naam waarschuwen..."

Ook teksten zoals die in 2 Tim.4:2, kunnen we niet zonder meer op iedereen toepassen.
...Verkondig het woord, dring erop aan, gelegen of ongelegen, wederleg, bestraf en bemoedig met alle lankmoedigheid en onderrichting.
Ook hier wordt deze opdracht gegeven aan iemand met een speciale bediening.

Krampachtigheid
Het gevolg van een te sterke nadruk op de plicht voor iedereen tot evangeliseren, is een grote gerichtheid op zichzelf ten koste van een warme belangstelling en bewogenheid voor degenen die bereikt moeten worden. De motivatie om met de ander te spreken over Christus is dan plichtgevoel. Of angst om ter verantwoording geroepen te worden voor het verloren gaan van de mensen die je kent. Of, in een wat positiever geval, enthousiasme voor de evangelisatie-actie en het samen werken aan het gestelde doel: gemeentegroei. Ook fanatisme en een passie voor het eigen gelijk kunnen een krachtige motivatie zijn, zoals dat bij de farizeeën het geval was. Ook bij veel sekten zien we dat.
De buitenstaanders die wat nuchter zijn, voelen dit alles haarfijn aan en de enige indruk die het op hen zal maken, is niet veel meer dan de gedachte: "Oh, die moeten ook weer zo nodig..."

Onze geestelijke polsstok
Om te voorkomen dat we God voor de voeten lopen en buitenstaanders een immuniteit bezorgen voor het Koninkrijk van Christus, moeten we niet verder springen dan de geestelijke polsstok lang is. Paulus schrijft daarover in Rom.12:3-8.
Want krachtens de genade die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar mate van het geloof dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.
En dan spreekt hij over de verschillende gaven en bedieningen in de Gemeente.

Heilzame beperking
We dienen de uitbreiding van het Koninkrijk van God daarom het best wanneer we ons beperken tot datgene wat Christus royaal binnen ons bereik brengt. Het geeft grote vrede wanneer je geestelijk niet boven je stand hoeft te leven of op je geestelijke tenen hoeft te lopen. Wat zou het een zegen zijn wanneer het leven van elke christen gekenmerkt zou worden door grote vrede. Dat is indrukwekkend, want "de goddelozen hebben geen vrede." Wees eenvoudig, want door gewoon jezelf te zijn en je te beperken tot wat echt binnen je bereik ligt, lever je op zich al een positieve bijdrage aan het evangelisatiewerk. Buitenstaanders voelen zich dan op hun gemak in je gezelschap en proeven je hart. Ontspannen, transparante en eenvoudige christenen maken anderen nieuwsgierig naar het recept!

Het geheim van Jezus
Het geheim van het wonderlijke leven van Jezus was dat Hij zich beperkte tot datgene wat zijn Vader Hem liet zien en horen:
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, de Zoon kan niets doen van Zichzelf, of Hij moet het de Vader zien doen. Want wat Deze doet, doet de Zoon evenzo... Ik kan van Mijzelf niets doen. Gelijk Ik hoor, oordeel Ik, en mijn oordeel is rechtvaardig. Want Ik zoek niet mijn wil, maar de wil van Hem die Mij gezonden heeft. Joh.5:19,30.

Dit geheim van Jezus moeten we bij het evangelisatiewerk leren toepassen op onszelf.
 




2. IEDEREEN BETROKKEN!


Hoewel niet iedere christen per definitie de bediening van een evangelist ontvangt, wil dat niet zeggen dat het evangelisatiewerk alleen maar de verantwoordelijkheid zou zijn van een paar specialisten die daarvoor een bediening hebben! De hele gemeente heeft de verantwoordelijkheid om de wereld bekend te maken met de Blijde Boodschap van het komende Koninkrijk van Christus, direct of indirect. Maar dan wel elk op de plaats en in de bediening die hij van God gekregen heeft.

Iedereen een getuige
We worden allemaal opgeroepen om een getuige van Christus te zijn door te spreken op het juiste moment.
Maar heiligt de Christus in uw harten als Here, altijd bereid tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt van de hoop die in u is, doch met zachtmoedigheid en een goed geweten...   1 Petr.3:15

Iedereen goed toegerust
Om goed toegerust te worden voor jouw aandeel in het evangelisatiewerk, moet je je bijbel gebruiken. Dus in de eerste plaats voor jezelf.
Elk van God ingegeven schriftwoord is ook nuttig om te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid, opdat de mens Gods volkomen zij, tot alle goed werk volkomen toegerust. 2Tim.3:16,17.

Iedereen staat in Gods raad
Ook heb je dagelijks heel bewust de gemeenschap met God nodig zodat Hij je het woord geven kan voor degenen die je die dag zult ontmoeten. Alleen die bijbelgedeelten die je zelf hebt gekregen en je aanspreken, kun je met vrucht gebruiken.
De Here Here heeft mij als een leerling leren spreken om met het woord de moede te kunnen ondersteunen. Hij wekt elke morgen, Hij wekt mij het oor, opdat ik hore zoals leerlingen doen. Jesaja 50:4.     
Wie toch heeft in de raad des Heren gestaan en zijn woord vernomen en gehoord? Wie heeft zijn woord beluisterd en gehoord? Is niet mijn woord zo: als een vuur, luidt het woord des Heren, of als een hamer die een steenrots vermorzelt? Jer.23:18,29.

Iedereen moet geestelijk groeien
Toename in geloof, deugd, kennis, zelfbeheersing, volharding, godsvrucht, broederliefde en liefde voor allen is binnen elks bereik en laten je niet zonder vrucht in het evangelisatiewerk.
Want als deze dingen bij u aanwezig zijn en overvloedig worden, laten ze u niet zonder werk of vrucht voor de kennis van onze Here Jezus Christus. 2 Petr.1:3-8.

Iedereen laat zijn licht schijnen
We worden allen opgeroepen om ons licht te laten schijnen door goede werken.
"Gij zijt het licht der wereld," zegt Hij in Matth.5:14. "Laat zo uw licht schijnen voor de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader, die in de hemelen is, verheerlijken."

Iedereen benut zijn kansen
We moeten wijs zijn ten opzichte van de buitenstaanders en onze kansen benutten. Ook moeten we leren de juiste antwoorden te geven.
Gedraagt u als wijzen ten opzichte van hen die buiten staan, maakt u de gelegenheid ten nutte. Uw spreken zij te allen tijde aangenaam, niet zouteloos; gij moet weten hoe gij aan een ieder het juiste antwoord moet geven. Coll.4:5,6.

Iedereen een bron van levend water

We kunnen allemaal bronnen worden van levend water.
Jezus riep, zeggende: "Indien iemand dorst heeft, hij kome tot Mij en drinke. Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien..." Joh. 7:37, 38.

Niemand veroordeelt buitenstaanders
Wat de buitenstaanders betreft, zijn we alleen maar geroepen om ze te laten zien wie Jezus is en ze uit te nodigen tot het leven wat Hij geeft. We zijn niet bevoegd ze te veroordelen.
Staat het soms aan mij hen te oordelen die buiten zijn? Oordeelt gij ook gij niet alleen hen, die in uw kring zijn? Hen die buiten zijn, zal God oordelen. Doet wie niet deugt uit uw midden weg. 1Cor.5:12,13.

Iedereen verloochent zich
Jezus vergeleek Zichzelf met een graankorrel die zich alleen maar kan vermenigvuldigen wanneer ze in de aarde valt en sterft. Hoewel het lijden en sterven van Jezus uniek was en niet meer herhaald hoeft te worden, worden we toch opgeroepen deel te hebben aan het lijden van Christus. Jezus leed om anderen het leven te kunnen geven. Het verder brengen van de boodschap in de wereld brengt ook lijden met zich mee en vraagt zelfverloochening.
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft zij op zichzelf. Maar indien zij sterft, brengt zij veel vrucht voort. Joh.12:24.

Iedereen is één met God in Jezus
Om de wereld te kunnen overtuigen dat Jezus echt de Zoon is van God en ons heeft verlost, is het nodig om in een volmaakte eenheid te leren leven met God en met elkaar. In het Hogepriesterlijk gebed zegt Jezus:
En de heerlijkheid die Gij Mij gegeven hebt, heb Ik hun gegeven, opdat zij één zijn, gelijk Wij één zijn: Ik in hen en Gij in Mij, dat zij volmaakt zijn tot één, opdat de wereld erkenne dat Gij Mij gezonden hebt... Joh.17:22, 23.

Iedereen behoort tot het Koninklijke priesterschap
We zijn allen geroepen om met elkaar een heilig en een koninklijk priesterschap te vormen in deze wereld. Dat maakt ons tot vertegenwoordigers van God bij de mensen en vertegenwoordigers van de mensen bij God. We zijn dus geroepen tot getuigenis en gebed.
En komt tot Hem, de levende steen, ... en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis, om een heilig priesterschap te vormen, tot het brengen van geestelijke offers... Gij zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk Gode ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht.. 1Petr.2:4-10.

Iedereen zaait
We mogen allemaal zaaien. En wat we zaaien, zullen we ook oogsten. Binnen de beperkingen van je bediening geldt voor iedereen de volgende belofte:
En God is bij machte alle genade in u overvloedig te schenken, opdat gij, in alle opzichten te allen tijde van alles genoegzaam voorzien, in alle goed werk overvloedig moogt zijn, gelijk geschreven staat: Hij heeft uitgedeeld, aan de armen gegeven, zijn gerechtigheid blijft in eeuwigheid. Hij nu die zaad verschaft aan de zaaier en brood tot spijze, zal u uw zaaisel verschaffen en vermeerderen, en het gewas van uw gerechtigheid doen opschieten, terwijl gij in alles verrijkt wordt tot alle onbekrompenheid... 2 Cor.9:8-10.

Iedereen maakt van zijn onvermogen een deugd
God aanvaardt je zoals je bent. Je hebt beperkingen en zwakheden. Je kunt proberen je daartegen te verzetten of je zwakheden te verdringen of te ontkennen. Maar dat is niet Gods weg. Paulus wijst in 2 Cor.12:9,10 een betere weg.
En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg, want de kracht openbaart zich eerst ten volle in zwakheid. Zeer gaarne zal ik dus in zwakheden nog meer roemen, opdat de kracht van Christus over mij kome. Daarom heb ik een welbehagen in zwakheden, smaadheden, noden, vervolgingen, benauwenisen ter wille van Christus. Want als ik zwak ben, dan ben ik machtig.

Iedereen werkt vanuit het Nieuwe Verbond
Dit is de weg van het Nieuwe Verbond, waarin je niets meer hoeft te doen in eigen kracht of tegen je wil. Want als Hij je duidelijk maakt dat je getuigen moet, en je bent bereid deze opdracht te aanvaarden, dan mag je erop rekenen dat Hij de belofte van het verbond vervult:
Dit is het verbond dat ik met hen sluiten zal: Ik zal mijn wetten in hun harten leggen en die ook in hun verstand schrijven... Heb.10:16.
Juist omdat je zwak bent en de kracht mist, loop je minder gevaar om bijvoorbeeld te spreken terwijl de tijd daarvoor nog niet rijp is. Maar wanneer het moment gekomen is en Gods wet in je hart begint te werken, dan wordt het ook heel duidelijk dat het God is Die werkt. Hij werkt het willen en het werken in je. En wat God doet, is voor eeuwig. Daarom is het ook hier van het allergrootste belang, dat we ons beperken tot wat God in ons hart legt. Niet verder springen dan onze geestelijke polsstok lang is!

Iedereen doet alles zonder morren of bedenkingen
Het is God die het willen en het werken in ons werkt. Maar we moeten uitkijken voor morren en bedenkingen! Alleen dan kan God zijn getuigenis aan ons leven geven.
Want God is het, die om zijn welbehagen zowel het willen als het werken in u werkt. Doet alles zonder morren of bedenkingen, opdat gij onberispelijk en onbesmet moogt zijn, onbesproken kinderen Gods te midden van een ontaard en verkeerd geslacht, waaronder gij schijnt als lichtende sterren in de wereld, het woord des levens vasthoudende. Fil.2:13-16.

Iedereen vertoont de kenmerken van het Koninkrijk
Wanneer we onder leiding van God evangelisatiewerk doen, dan zal dit werk gekenmerkt worden door gerechtigheid, vrede en blijdschap. Want dat zijn de kenmerken van het Koninkrijk van God.
Want het Koninkrijk van God bestaat...in rechtvaardigheid, vrede en blijdschap door de Heilige Geest. Want wie door deze Geest een dienstknecht is van Christus, is welgevallig bij God en in achting bij de mensen. Rom.14:17,18.




3. WAT IS DE BOODSCHAP?


In het evangelisatiewerk wordt nogal eens de indruk gewekt, dat je bekeerd en behouden bent wanneer je de Here Jezus hebt aangenomen als een verzoening voor je zonden terwijl je Hem nog niet hebt aanvaard als je Heer. Het komt er dan op neer dat je behouden kunt worden door alleen maar te geloven dat de Here Jezus voor je zonden gestorven is, en dat je dan later je leven al of niet aan Hem kunt toewijden. Dat is een ernstig misverstand. Er is geen vergeving van zonde zonder echte bekering en toewijding. Het is alles voor de Here Jezus of niets.

Bekering
Wat is bekering? Bekering betekent dat je je afkeert van de normen en de wetten van het rijk der duisternis (waarvan hoogmoed de samenvatting is), en de normen en wetten van het Koninkrijk van het Licht (samengevat in de liefde) aanvaardt. Het betekent dat je de heerschappij van de duivel, de zonde en het vlees verwerpt, en je alleen nog maar wilt laten beheersen door de Here Jezus en zijn Vader. Bekering is ophouden met bewust te zondigen.
Zondigen is je doel missen door je eigen weg te gaan. Het is: leven voor een ander doel dan het doel wat God met je leven heeft. Daar bekeer je je van. Bekering betekent dus dat je een leerling wordt van Jezus en vraagt "Here, wat wilt Gij dat ik doen zal?". Pas dan kunnen we vergeving ontvangen en gerechtvaardigd worden.
...Om hun ogen te openen ter bekering uit de duisternis tot het licht, en van de macht van de satan tot God (1), opdat zij vergeving van zonden zouden ontvangen door het geloof in Mij (2).
...En dat in zijn Naam moest gepredikt worden bekering (1) tot vergeving van zonden...(2)
...Eén is voor allen gestorven. Dus zijn zij allen gestorven. En voor allen is Hij gestorven, opdat zij die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en opgewekt. Hand.26:18, Luk.24:47, 2 Cor.5:15.

Geen blijvende blijdschap
Het kan een geweldige blijdschap geven wanneer iemand met een diep schuldbesef Jezus leert kennen als het volmaakte offer voor zijn zonde. Maar wanneer dat niet gepaard gaat met een volledige overgave aan Jezus, dan is hij niet tot bekering gekomen en bljft hij in zijn zonde. Want er is dan nog geen wezenlijke verandering gekomen van hart en leven. De blijdschap is dan ook tijdelijk.

Geen blijvende rust
Een veel gebruikte tekst om mensen uit te nodigen om tot Jezus te komen, staat in Matth.11:28.
Kom tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven.
Velen komen op grond van die uitnodiging tot Jezus om die rust te ontvangen. Maar wanneer ze niet gaan zien wat Jezus bedoelt met "het komen tot Hem", dan werkt het maar voor even en zien we geen blijvende verandering. De praktische toepassing van zijn uitnodiging geeft Jezus in de volgende twee verzen.
Neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart en gij zult rust vinden voor uw zielen. Want mijn juk is zacht en mijn last is licht.

Geen blijvend geluk
Mensen zoeken verlossing van hun problemen. Wanneer dat gebeurt, zijn ze gelukkig. Maar dat geluk duurt meestal niet zo lang. Er komen weer nieuwe problemen die de kop opsteken. Het ene probleem is nog niet voorbij, of het andere dient zich al weer aan. Dat komt omdat problemen net ijsbergen zijn: alleen het topje komt maar boven water terwijl het grootste deel, de eigenlijke oorzaak, verborgen blijft en meestal niet wordt aangepakt. Schuldgevoel, eenzaamheid, angst, doelloosheid, het zijn allemaal topjes van de ijsberg. Maar het niet afhankelijk willen zijn van God en niet onder zijn leiding willen leven, dat is de wezenlijke oorzaak. Dat is dan ook het eerste wat in orde moet komen: men moet zich bekeren!

Omstandigheden
Nu spelen er bij problemen ook de omstandigheden een grote rol. Denk maar aan zaken zoals nieuwe buren, minder inkomsten, ziekte en overlijden, teleurstellingen en allerlei andere tegenslagen. Die worden vaak als oorzaak gezien van de problemen, terwijl ze niet meer zijn dan aanleidingen. Daarom moeten we niet de fout maken door de oplossing te zoeken in het veranderen van de omstandigheden. Dat is onbegonnen werk en meestal ook onmogelijk. En bovendien zinloos. Jezus verlost ons niet van onze problemen door de omstandigheden in ons voordeel te veranderen, integendeel! Hij waarschuwt ons zelfs voor grotere moeilijkheden wanneer we Hem gaan volgen en zegt dat we een kruis te dragen krijgen.

Aanleiding en oorzaak
Omstandigheden zijn dus alleen maar de aanleidingen waardoor we in de problemen komen. De echte oorzaak zit in onszelf. Het is het onvermogen om op de juiste wijze te reageren op de omstandigheden omdat we dingen doen buiten God om. Zodra de omstandigheden tegen zitten, worden we van binnen geconfronteerd met ergernis, ongeduld, egoïsme, achterdocht, jaloezie, gebrek aan fijngevoeligheid en inlevingsvermogen, depressiviteit, negativisme, kwaadwilligheid, oneerlijkheid, geldzucht en begeerte om er een paar te noemen. Al deze zaken in ons hart maken het onmogelijk om goed te reageren op de omstandigheden en brengen ons daardoor in de problemen. En het is dan gemakkelijker de omstandigheden als de grote boosdoeners te zien, dan de fout te zoeken bij onszelf.
Om in het beeld te blijven van de ijsberg: het water zorgt ervoor dat er elke keer een stukje van de ijsberg boven water komt. Het werken aan dat kleine stukje dat bovenkomt, is geen echte oplossing: even later komt er toch weer een nieuw stukje boven water. Het wegnemen van het water er omheen is ook geen oplossing want het is onmogelijk. Het hele probleem moet worden aangepakt: niet alleen het stukje dat de kop opsteekt moet verdwijnen, maar ook het stuk dat zich onder water bevindt moet in de warme golfstroom worden gebracht en wegsmelten. Met andere woorden: alles moet onder Gods heerschappij worden gebracht. Dat is bekering en voorkomt teleurstellingen. Dan is het probleem in zijn geheel opgelost.

Checklist
De tabernakel geeft een goed beeld van de weg die we moeten gaan om voortdurend toegewijd aan God en in gemeenschap met Hem te kunnen leven. Want daar gaat het om: een leven in zijn gemeenschap. Wat zou anders het nut zijn om met God verzoend te zijn?!
Alle voorwerpen waarlangs de Hogepriester ging op zijn weg naar het Heilige der Heiligen zijn een illustratie van de dingen die nodig zijn om in het Nieuwe Verbond met vrijmoedigheid in Gods tegenwoordigheid te leven. En alles is te vinden in Christus.
1. De deur. Jezus is de Deur waardoor we uit het rijk van de duisternis binnengaan inhet Koninkrijk van het licht. Bekering dus.
2. Altaar. Verlossing van schuld. Jezus is het Offer voor onze zondeschuld.
3. Wasvat. Reiniging van zonde. Jezus heeft onze oude mens aan het kruis gebracht.
4. Kandelaar. Licht, gemeenschap der heiligen. Jezus is het Licht der wereld en wij met Hem. Wij zijn de ranken aan de wijnstok.
5. Brood. Geestelijk voedsel. Jezus is het Brood des levens, het Woord van God. Hij openbaart Zich in de Schrift.
6. Reukwerkaltaar. Dat staat voor het gebed dat we mogen bidden in zijn Naam.
7. Het opengescheurde voorhangsel en de ark van het verbond. Hier zijn we in zijn tegenwoordigheid.

Natuurlijk is hier veel over te zeggen, maar in dit verband is het een checklist om na te gaan of we voldoende van de Here Jezus hebben bekendgemaakt om iemand blijvend te brengen in Gods tegenwoordigheid:
1. Heeft hij zich overgegeven aan Jezus?
2. Heeft hij zijn vergeving aangenomen?
3. Heeft hij alle bekende zonden beleden en losgelaten?
4. Zoekt hij voortdurend contact met Jezus en met degenen die bij Hem horen?
5. Gebruikt hij zijn Bijbel?
6. Neemt hij tijd om te bidden?
7. Is het zijn verlangen om in Gods tegenwoordigheid te leven?




4. MANNEN, ZWAKKE SCHAKEL


Waarom zijn het hoofdzakelijk mannen die oorlog voeren, uit zijn op macht en met geweld en bloedvergieten de wereld willen veroveren?
Waarom zijn het meestal mannen die halsbrekende toeren uithalen, levensgevaarlijke ontdekkingsreizen moeten maken en met gevaar van eigen leven zo nodig de Mount Everest moeten beklimmen?
Waarom bestaat de Maffia hoofdzakelijk uit mannen en lopen ze voorop in de criminaliteit?
Waarom waren het mannen die persé wilden weten hoe de maan er van achteren uitziet en of er leven op Mars voorkomt?
Waarom zijn het mannen die in de kroeg tegen elkaar opdrinken, op de racebaan tegen elkaar oprijden (bij wijze van spreken!) en in stadions en treinen uit de bol gaan en de boel afbreken?
Waarom zijn het vooral mannen die vissen, jagen (in meer dan één opzicht!), stropen en pitbullterriërs africhten?
Waarom zijn zij het die speculeren op de beurs, in zaken geen grenzen kennen en altijd streven naar meer, naar groter, hoger en beter?

Zo heeft God het bedoeld
God heeft de man zo geschapen. De man is bestemd om te ontdekken, te strijden, te veroveren, baanbrekend werk te verrichten, uitdagingen aan te gaan en voortdurend te streven naar het allerbeste, het allergrootste, het allermeeste en het allerhoogste. Dat is het potentieel van de man. Maar dan wel met het oog op het Koninkrijk van God.

Magere verkondiging
Wanneer het in de verkondiging niet heel duidelijk wordt dat het potentieel van de man zich ten volle kan ontplooien in het Koninkrijk van God, dan zoekt het zich een weg op een veel lager niveau. Voor mannen wordt de godsdienst dan hooguit een bijzaak of iets voor hobbyisten. Jammer genoeg blijkt dat in de praktijk maar al te vaak. Daarom zijn echte kerels de grote afwezigen wanneer het er echt op aan komt in het Koninkrijk van God. Het leeuwendeel van het zendingswerk wordt bijvoorbeeld gedaan door vrouwen...

Kinderwerk
Toegespitst op kinder- en jeugdevangelisatie, kunnen we ons afvragen of de boodschap die doorgaans gebracht wordt, een goed beeld geeft van de uitdaging die het leven met Jezus inhoudt. En of er voor jongens voorzien wordt in de behoefte aan mannelijke identificatiefiguren (idolen!) die door hun levenshouding een eind maken aan het idee dat echte kerels altijd belangrijker dingen aan hun hoofd hebben dan een toegewijd leven in dienst van Christus.

Afhaken
Meestal is het zo dat jongens tussen de tien en veertien jaar afhaken omdat ze zich niet meer kunnen vinden in de moederlijke zorg van de clubleidster en uitgekeken zijn op de werkjes die ze al die jaren hebben gemaakt. Ook in het gezin speelt de vader vaak niet de rol van geestelijke voortrekker die elke keer weer nieuwe opwindende en inspirerende ontdekkingen doet in het Koninkrijk van God. De godsdienstige vorming komt vaak grotendeels neer op de moeder.
Vooral daarom zijn er meer mannen nodig in het kinder- en tienerwerk met een uitdagende, radicale boodschap die ook jongens aanspreekt. Maar omdat daar mannen met kwaliteit meestal laten afweten, haken juist die jongens af die zich helemaal voor iets willen inzetten...

Kinder- en jeugdevangelisatie
Het is daarom goed om ons het volgende af te vragen:
- Is de boodschap die we brengen, uitdagend genoeg? Wordt het duidelijk dat alles wat God in jongens heeft gelegd, zich pas ten volle kan ontplooien als ze in dienst treden bij Jezus Christus?
- Zorgen we voor programma-onderdelen in de evangelisatiekampen die laten zien hoe avontuurlijk het leven kan zijn van een volgeling van Christus?
- Doen we recht aan de leergierigheid van genoemde doelgroep? Geven we ze de kans om te ontdekken dat letterlijk alle schatten van wijsheid en kennis te vinden zijn in Jezus Christus en dat de wereldse wijsheid zonder God tot volslagen dwaasheid leidt?

En de meisjes?!
We hoeven niet bang te zijn dat meisjes afhaken wanneer het accent meer zal gaan vallen op bovengenoemde elementen, integendeel! Andersom is dat eerder het geval. Geen enkele jongen heeft bijvoorbeeld ooit Joop ter Heul gelezen of Goud-Elsje. Maar de meeste meisjes wel Dik Trom of Pietje Bell. 
Laten we ons kinderwerk voortdurend hierop evalueren en biddend te zoeken naar nieuwe mogelijkheden en vormen waardoor er ook voor jongens een nieuwe wereld opengaat die zo mateloos interessant en uitdagend is, dat er onder hen een blijvende geestelijke interesse gaat groeien naar de dingen van God.





©11/06 Dick Baarsen,
Postbus 231, 4550 AE Sas vanGent.
e-mail: dickbaa@hetnet.nl
http://baarsen.com
www.breakfree.tk
Voor gratis verspreiding (evt. tegen kostprijs) mag dit stuk ongevraagd worden gekopieerd of doorgemaild, mits inhoudelijk ongewijzigd en met vermelding van deze gegevens.
Een aantal bijbelse principes over